Hoe zwaar weegt mijn mening?

By

De gebeurtenis waar ik in mijn vorige blog over schreef, zat me niet lekker. Ik kreeg geen reactie meer van de betreffende werkgever en ik overwoog hen daarover een laatste mail te sturen. Toch twijfelde ik. Zou het uiten van mijn mening worden gewaardeerd?

Voor het geval je niet weet waar dit over gaat, zie de blog hieronder:

Om maar meteen terug te komen op de vraag van deze inleiding: Ik vind dat een mening altijd gewaardeerd moet worden. Mee eens of mee oneens, een mening is het waard gehoord te worden. Ik heb wel mensen meegemaakt die beweerden dat niet iedere mening ‘relevant’ was, maar dat waren meestal stomme mensen.
Ik behoor daar niet toe.
Mag ik hopen.

Ik wilde in mijn mail eigenlijk alleen vragen waar het uiteindelijk op was stukgelopen; waarom er niet was teruggekomen op wat was besproken op de auditie en waarom ik daar nooit meer iets over gehoord had.
Dat was toch niet zo’n heftig bericht?
Als het aan mij lag, had ik die mail dan ook gewoon gestuurd, zonder er een te groot ding van te maken.
Toch wist ik dat ik doordacht te werk moest gaan.

Ik ben soms best een flapuit en die ‘stomme mensen’ die bepaalde meningen niet ‘relevant’ vinden, vinden mij daarom zo nu en dan irritant. Hierdoor heeft het geven van mijn mening mij wel eens in benarde situaties gebracht waar ik deze keer in geen geval in wilde raken. Ik wilde de werkgever niet tegen de haren instrijken. Ik wilde hen niet tot mijn vijand maken want ik was niet boos. Ik wilde gewoon een toelichting.
Even overwoog ik dus om het maar te laten rusten; om door te gaan met mijn leven, zoals ook had gekund. Om enig risico op conflict uit de weg te gaan.
Maar nee, dacht ik toen. Het is belangrijk dat men zich uitspreekt en om uitleg vraagt als men die uitleg wenst. In de danswereld wordt al teveel onder allerlei tapijten geveegd en ik ben daar geen voorstander van. Ik ben een danser en ik ben dat graag en met trots, maar in de eerste plaats ben ik een mens met een mening en een visie. Dat ben ik ook graag en met trots. Zoals niet meer dan normaal is, als je het mij vraagt.

Dus ik schreef een aardige, beleefde en zeer nette mail die ik een dag liet ‘sudderen’ om er geen overbodige emotionele uitspraken in te zetten zoals ‘Verdorie!’ of ‘Nou ja zeg!’.
Mijn mail was uiteindelijk vriendelijk en geheel niet aanvallend, want dat was niet wat ik wilde uitdragen. Maar ik was wel duidelijk en ik draaide niet om de hete brij heen. Ik vond het simpelweg nog niet klaar voor afsluiting, als ik geen antwoord had gekregen op de vragen die tot dan toe werden genegeerd.
Ik stuurde de mail op.


Hoe zwaar weegt mijn mening?
Dat is een vraag die ik mijzelf soms stel. Het is het innerlijke dilemma van het willen laten horen van je eigen stem, maar het tegelijkertijd bang zijn dat choreografen, docenten, producenten of wie dan ook, zich aan je ergeren en niet meer met je willen werken.

Maar ja, aan de andere kant…
Dan ergeren ze zich maar. Mijn mail is oprecht en netjes. Ik verwijt niemand iets. Ik stel alleen een vraag. Ik gebruik mijn stem waarvoor die bedoeld is: om uit te spreken wat op mijn hart ligt. Mensen die zich daar nog boos om kunnen maken, zijn dan toch mijn mensen niet.
Aan die gedachte houd ik mij vast terwijl ik wacht op een reactie en doorga met mijn leven als danser en als mens. Die combinatie is toch wel het beste.

Foto: Rudy Carlier

Posted In ,

Geef een reactie

Ontdek meer van Ik wil dansen

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder